Rustige wegen, reeën die ronddartelen door het veld, vogels die zich verschuilen in het veengebied. Op de fiets ontdek ik het veelzijdige DümmerWeserLand in Nedersaksen. Eigenlijk is het een tip die ik voor mezelf wil houden, want wat is het hier heerlijk rustig. En dit mooie plekje ligt niet ver over de grens, dus je bent er ook nog eens zo. Dit maakt het een perfecte bestemming voor een relaxed fietsweekend.
Reeën! Al zit ik nog geen 15 minuten op de fiets, ik heb er inmiddels al zeker 9 gezien. Zo nu en dan zie ik oortjes boven de graanhalmen uitsteken, een andere keer rennen de dieren door het veld of staan ze stil om me nieuwsgierig aan te kijken. Het is wederzijds. Ik kijk ze vanaf de fiets net zo goed met een verwonderde blik.

Startpunt? Tiny House
Een dag eerder ben ik met de auto van Utrecht naar DümmerWeserLand gereden. Deze Duitse regio tussen Bremen, Hannover en Osnabrück is een voor mij nog onbekende plek, maar de natuur moet er veelzijdig zijn. Niet alleen vind je hier de Dümmer-See, maar ook prachtige heidegebieden, heuvellandschappen en veengebieden. Om de regio in alle rust te verkennen heb ik mijn toerfiets meegenomen, én zijn mijn man en kind mee. Samen maken we 2 fietstochten en zoeken we uit wat de regio nog meer te bieden heeft.
Gisteren was al een mooie eerste kennismaking. In Feriendorf Moorblick wachtte ons namelijk een bijzondere overnachting in een tiny house. Midden in het groene landschap liggen een paar houten huisjes verspreid. Klein, maar luxe. Met een eigen keuken, een heerlijk bed van waaruit je uitkijkt op het groen, en met een fles wijn die al koel staat om straks op te drinken. Het is een fijne plek om tot rust te komen en de natuur te beleven. Ik heb de sleutel van huisje nummer 8 gekregen en terwijl ik twijfel of ik nog een kijkje ga namen bij de buitenwellness is ons zoontje meer geïnteresseerd in de kleine houten natuurspeeltuin. En dan weet hij nog niet eens dat we morgen waarschijnlijk de alpaca’s zullen zien die hier in de weide staan.


Fietsroute door DümmerWeserLand
Bij het ontbijt de volgende ochtend bekijk ik de fietsroute. 46 kilometer geeft Komoot aan, met bijna op een einde van de tocht een lunchstop. Prima te doen, maar dan moeten we na het ontbijt wel meteen vertrekken, zo bedenk ik me. Ik drink nog een laatste kopje koffie en dan trek ik de deur van het tiny house achter me dicht. Ik til mijn zoontje op en zet hem in zijn fietsstoel, geef de rugzak met snacks aan mijn man, en dan kunnen we vertrekken.
Vanaf het Feriendorf komen we meteen uit op een rustige weg. Vrijwel direct knijp ik al in de remmen omdat ik reeën zie ronddartelen in het veld. Luidkeels zingen de vogels om mij heen. Zelf probeer ik stil te zijn, om de reeën die in het veld staan niet te verstoren. Mijn zoontje is minder onder de indruk van de dieren. ‘Tractor’ roept hij. We fietsen dan ook midden door landelijk gebied, dus zo nu en dan rijdt een felrode tractor voorbij. Je zou bijna vergeten dat je ook midden tussen de veengebieden door fietst, maar die zullen we met name morgen tegenkomen.


Iets verderop zie ik in Wehrbleck een oud boerenerf met een vakwerkboerderij. Dat is een plek om even te stoppen. En nog iets verder – op een plek waar ik het zeker niet zou verwachten – staat toch echt een stuk Berlijnse Muur, aan het einde van de Straße des Handwerks. Het betonblok is beschilderd door de Berlijnse EastSideGallery.
Op weg naar Varrel, waar de zon eindelijk begint te schijnen en we een rondje om de kerk fietsen, krijgt het landschap kleur. De randen van de akkers zijn gehuld in het blauw van korenbloemen en het rood van de klaprozen.




Fietsen voor de ‘Spargel’
Tussen de velden fiets ik richting Kirchdorf. Naast de weg staat een houten stalletje, waar je aardappels en asperges kunt kopen. Dat laatste lijkt me wel wat, maar helaas heb ik geen gepast geld bij me. Een beginnersfout, in Duitsland, waar je nog steeds vaak alleen contant kunt betalen. Gelukkig is daar een oplossing voor. Een kilometer verderop ligt Baumann’s Hof, een restaurant waar in deze tijd van het jaar volop asperges op de kaart staan. De vegetarische wildragout lonkt, maar ik kies toch voor een Spargelteller, met een Alkoholfreies weissbier. Daar was ik aan toe! De zon is inmiddels doorgebroken en het is heerlijk ontspannen in de zon op het terras. Als er niet nog een middagprogramma op me zou wachten zou ik nog wel een paar uur willen natafelen.




Vanaf Baumann’s Hof fietsen we nog een paar kilometer door, licht heuvelafwaarts door het bos. Waar ik het begin van de dag het idee had dat je hier constant door gemoedelijk boerengebied fietst, blijkt de regio veelzijdiger. In een paar uur fietste ik door de bossen, langs hebben en akkers met talloze veldbloemen.
In de voetstappen van de olifanten
En dat middagprogramma waar ik het over had? Dat is Tierpark Stroehen. Omdat we hier straks overnachten, maar ook om een rondje over het dierenpark te lopen. Dit is vooral leuk voor mijn zoontje. Hij bekijkt van een veilig afstandje de tijgers (Poes! roept hij hier), verbaast zich over de grappige stokstaartjes en loopt voorzichtig achter ons aan door de paardenstallen heen. De veulens vindt hij leuk, maar de grote paarden zijn voor zo’n kleintje iets té spannend. Nee, dan vermaakt hij zich toch beter op een van de speelplekken, waar hij lekker rond kan rennen en zo nu en dan een aai kan geven aan de ezels die iets verderop over de weide lopen.
Ik kijk op mijn horloge. Het loopt inmiddels tegen het einde van de dag, en dat betekent dat de olifanten hun dagelijkse wandeling gaan maken. En wij gaan met ze mee! De olifanten van het dierenpark mogen iedere dag een paar uur ronddwalen door het bos. Tussen de bomen gooien ze zand en modder over hun rug, tegen de muggen die hier in groten getale rondzwermen, en duwen met veel gekraak een jong boompje tegen de grond. Ze knorren en brommen, zo communiceren ze met elkaar, en stampen met hun poten op de grond. Het kleine groepje mensen dat mee mocht lopen met de olifanten, en dat nu alle vragen kan stellen aan de verzorgers, is onder de indruk. Dat ben ik ook.
Helaas is het tijd voor de olifanten om naar hun nachtverblijf te gaan. Langzaam en in een treintje lopen de olifanten weg, hun slurf om de staart van hun voorganger gekruld.



Entdeckerhaus
Ook vandaag overnachten we op een bijzondere plek. Op het terrein van het dierenpark staan een aantal Entdeckerhäuser, vrij vertaald ‘huizen van een ontdekkingsreiziger’. Het zijn paalwoningen, van waaruit je een mooi uitzicht op de natuur hebt. Ik schuif de gordijnen ver open en kijk uit over het bos. Iets verderop zie ik zelfs een paar verblijven van de dieren. Ik ben benieuwd welke dieren we vannacht zullen zien en horen.
’s Ochtends is het in ieder geval gedaan met de rust, de vogels tsjirpen er vrolijk op los. Omdat het ontbijt van de Entdeckerhäuser wordt geserveerd ín het dierenpark, kun mooi nog een rondje lopen over het terrein, voor de bezoekers komen. Een groep paarden wordt net van de stal naar de weide gebracht, en aan het lawaai te horen zijn de meeste dieren ook al wakker.

Natuurpark Dümmer
Na het ontbijt stap ik weer op de fiets. Ik zet mijn zoontje in zijn fietsstoeltje en dan zijn we allemaal weer klaar om op pad te gaan. Volgens Komoot ga ik nu echt het Natuurpark Dümmer in én fiets ik richting de Dümmer-See en het Ochsenmoor. Het is een totaal andere fietsroute dan gisteren. Het landschap verandert snel, nu ik ben uitgekomen bij uitgestrekte laagveengebieden. Het Oppenweher Moor is het, lees ik op een informatiebord. Een van de 15 hoogveengebieden in het Diepholzer Moorniederung. Over uitgestorven gravelpaden fiets ik langs de rand van het veengebied. Ik kijk of ik dieper het veengebied in kan gaan, maar de gravelpaden blijken iets teveel van het goede voor mijn toerfiets. Op je gravelbike daarentegen kan je hier perfect fietsen.


Geen probleem, want ik fiets verder richting de Dümmer-See en daar is ook genoeg te zien. Het op één na grootste binnenmeer van Nedersaksen is 13 vierkante kilometer groot en gemiddeld slechts één meter diep. Perfect voor een gezinsvakantie met de kleintjes dus. Aan de oever van het meer vind je volop stranden, terrasjes en restaurants, maar ik heb andere plannen. Ik wil meer weten over het natuurgebied. Een stukje verderop vind je het Dammergebergte, tijdens de ijstijd ontstaan, maar ik fiets juist richting het vogelreservaat rond het Dümmermeer in het Dümmer-laagland.


Vogelparadijs
Het meer was ooit een stuk groter dan het tegenwoordig is. Een groot deel van het meer is dichtgeslibd en geleidelijk als veengrond gecultiveerd. Wil je hier nu alles over weten, dan moet je zeker een kijkje nemen bij het Naturschutzstation. Het informatiecentrum heeft een kleine permanente tentoonstelling met veel informatie over het ontstaan van het veengebied, en over de vogels die je rondom de Dümmer See kunt zien. Wist je dat dit gebied flink wat overeenkomsten heeft met Nederland, en dan vooral Friesland? Vooral met de manier waarop er wordt geprobeerd het landschap zoveel mogelijk te beschermen. Maar een van de overeenkomsten is ook dat er veel vogels neerstrijken, als ze op weg zijn naar zonniger oorden om te overwinteren. De natuurgebieden rondom de Dümmer See zijn met hun veen, graslanden en rietvelden een fijne rustplaats voor vogels.


Zo kun je hier in het najaar kraanvogels zien. Met tienduizenden komen ze naar het heidegebied van Diepholz en rusten uit op weg naar het zuiden. Zo rond een uur voor zonsondergang vliegen ze naar hun slaapplaatsen – altijd een onvergelijkbaar natuurspektakel (onthoud dit, mocht je in het najaar naar deze regio gaan!). Op andere momenten in het jaar kun je overigens ook genieten van het uitzicht. Aan elke zijde van het meer staat wel ergens een uitzichttoren van waaruit je goed zicht hebt op de leefgebieden van de vogels.
Ik klim de trappen omhoog en probeer ik zoveel mogelijk weidevogels te spotten. Gelukkig kreeg ik de tip om een verrekijker mee te nemen, zo spot je de vogels een stuk beter. Met een beetje geluk zie je in de weilanden een grutto, kievit, watersnip of wulp. En in het voorjaar is ook de nachtegaal hier te vinden. Gelukkig krijg ik hierbij hulp van natuurgids Oliver Lange. Hij fietst vandaag een stuk met ons mee en wijst steeds naar links of rechts. “Kijk, grutto’s. Een watersnip. En zie je dat daar? Die vogel laat ons wel erg dichtbij komen. Waarschijnlijk zijn haar kuikens in de buurt.”

Oliver leidt ons rond door het natuurgebied. Eerst volgen we een stuk van het Naturerlebnispfad Ochsenmoor. Hierna fietsen we een kleine ronde langs het meer. Tussendoor hebben we een paar keer de mogelijkheid om vanaf een uitkijktoren het landschap en vooral ook de vogels te observeren. Er zijn maar liefst 15 uitzichttorens in het natuurgebied, dus je moet je best doen om er géén tegen te komen. En zeker met alle informatie van Oliver erbij, is het een ontzettend leerzame middag. Loop of fiets je hier zonder gids, dan kun je stoppen bij een van de informatieborden die inzicht geven in het ontstaan van het landschap rondom de Dümmer-See, de diversiteit van planten en dieren.
Tot slot: Kaffee und Kuchen
Met een camera vol foto’s en een hoofd vol indrukken fietsen we naar het laatste stoppunt van de dag. Want er is één ding wat we nog niet gedaan hebben. Kaffee und Kuchen is echt een begrip in Duitsland, en hoe kan ik mijn weekend dan ook beter afsluiten dan met koffie en gebak bij Lucas Hofcafé, vlakbij het Naturschutzstation. Cappuccino Torte en Schwarzwälder Kirschtorte worden het, met een regionaal geproduceerd natuursap en een kopje koffie.
In de zon blik ik terug op 2 dagen, die aanvoelen als een week. De regio DümmerWeserLand heeft me verrast. Al ga je hier maar een paar dagen naartoe, je kunt heel wat verschillende gebieden zien. Het buitengebied met akkers, bossen, de Dümmer-See en verschillende veengebieden. Zeker als je de tijd neemt om de natuurgebieden écht te leren kennen. Door met een natuurgids op pad te gaan, een Naturerlebnispfad te verkennen of een mooie fietstocht maakt. En zoals ik al schreef, dit mooie plekje ligt niet ver over de grens. Dus wanneer ga jij op pad?!

Over het DümmerWeserLand
Het DümmerWeserLand ligt in de driehoek tussen de steden Bremen, Hannover en Osnabrück, en strekt zich uit over de deelstaten Nedersaksen en Noordrijn-Westfalen. De Dümmer See ligt in deze regio, maar er is nog veel meer te zien. Een uniek landschap met heide en heuvellandschappen, veengebieden en akkerland. Perfect voor natuurliefhebbers dus, die vogels kunnen kijken vanaf de uitkijktorens. Vooral de kraanvogels komen in zwermen naar het moerassige landschap. Maar er is meer. De Dümmer See leent zich ervoor om te surfen, zeilen, kanoën of SUPpen. In het Diepholzer heidegebied met zijn 15 hoog- en laagveengebieden zijn verschillende Moorerlebnispfaden aangelegd voor wandelaars. Natuurlijk kun je ook op de fiets erop uit trekken, mét een verrekijker paraat. Meer informatie vind je op de website duemmerweserland.de.
Meer fietsroutes in DümmerWeserLand
Op mijn Komoot-profiel vind je de routes die ik fietste, en als extraatje nog verschillende andere mooie fietsroutes in DümmerWeserLand. Zo is de Dümmer-Dörfer-Tour een 33 kilometer lange fietsroute door zeven dorpen in de buurt van de Dümmer-See. Tijdens de 40 kilometer lange Dümmer-Moor-Tour ontdek je juist het moeraslandschap rondom het meer. Een rondje óm het meer kan natuurlijk ook.
Neem je een racefiets mee, dan kun je de routes met behulp van Komoot wat verlengen. Een groot voordeel van deze regio is, dat je er goed aangelegde wegen vindt, ideaal voor racefietsers. En er is weinig ander verkeer. Liever op de gravelfiets? Dan kun je rondom de Dümmer-See ook mooie routes uitzetten. Let wel op dat de route niet over wandelpaden voert.



Wat een prachtige natuur. Ik vind het altijd geweldig om wildlife te spotten, dus dat is zeker een reden waarom ik erheen zou willen. En natuurlijk ook voor die lekkere kaffee und kuchen. Kan niet missen!
Ik had nog nooit van de streek DümmerWeserLand gehoord voordat ik je blog las. Het ziet eruit als een leuke bestemming! Ik moet sowieso dit deel van Duitsland eens verkennen, daar heb ik nog veel te weinig van gezien.
Wat een heerlijke plek zeg! Ik snap wel dat je deze misschien liever voor jezelf houdt als het er zo lekker rustig is 😉 Die olifanten,wat tof zeg! heel gaaf dat die een rondje door het bos lopen en je daarbij kunt zijn. Ook wel spannend zo dichtbij